Ho Chi Minh(i) + Delhi(n en deluit)

Na De Treinrit Van Zesentwintig Uur blijken onze beide databundels volledig op, dus we moeten zonder internet een taxirit fixen naar Louis Hotel, in het midden van Ho Chi Minh. Gelukkig kennen we de prijzen ondertussen een beetje en betalen we na wat afdingen slechts het dubbele in plaats van het drievoudige. Een deel van ons lijf wil zich bij aankomst neergooien op het bed om de verloren slaap in te halen, maar het deel dat 26 uur heeft stilgezeten trekt aan het langste eind en we trekken moedig de stad in. In de regen, uiteraard. Griet is ondertussen expert geworden in Laundry Spotting, dus we steken snel nog onze was ergens binnen. Morgen vliegen we naar Delhi en we willen daar graag met een goeie indruk en propere kleren arriveren. Ho Chi Minh blijkt tussen al het getoeter en verkeer door een verrassend walkable city: brede voetpaden, hier en daar een groot park en zowaar: verkeerslichten met zebrapaden. We passeren langs een charmante hindoeïstische tempel, kwestie van al wat in Indische sferen te komen. We hebben nog twee uur te overbruggen tot het avondeten, maar dat redt niemand, dus we stoppen voor wat snelle suikers in de vorm van brownies en smoothies en wandelen dan verder naar de basiliek van Notre-Dame, een prachtige Franse kathedraal, waar we niets van zien, omdat ze volledig in de stellingen staat. Ook in de mooie opera van Saigon kunnen we vanavond helaas niet terecht: 18 november blijkt de enige dinsdag te zijn waarop ze de cirque-du-soleil-achtige voorstelling AO niét opvoeren. “Sorry, sir, government event tonight.” Waar we vorige reis toevallig net overal op tijd arriveerden om lichtfestivals of independence days mee te pikken, lopen we ze deze trip wat vaker mis. We dachten bijna dat we ‘t reizen volledig onder de knie hadden, maar we zullen dus nog eens moeten terugkeren, sorry, kinderen.

Griet heeft ons hotelletje gekozen omwille van ‘t feit dat het vlakbij de Bui Vien Walking Street ligt, dus op de terugweg passeren we nog snel even langs hier. “Walking” interpreteren ze in Saigon heel ruim, want het blijkt een soort Overpoort op Speed te zijn: allerlei dancings naast mekaar met snoeiharde muziek, schaars geklede danseressen, lasers, stroboscopen en ander zintuigelijk geweld. De ene na de andere propper probeert ons binnen te sleuren, hoewel geen van ons vieren echt in de doelgroep lijkt te passen. We verdenken Griet er nog even van dat ze deze plaats bewust geboekt heeft om ons een snelcursus raven te geven, maar daarvoor is iedereen te moe en te overprikkeld. Anders direct!

De laatste dag Vietnam sluiten we passend af met een bezoek aan het Onafhankelijkheidspaleis. In dit robuust 60’s gebouw resideerde de president van Zuid-Vietnam samen met z’n gevolg tijdens de oorlog tegen het noorden. Toen de Vietcong die strijd uiteindelijk spectaculair beslechtte door met een tank dit paleis binnen te rijden, waren ze zo vriendelijk om het vijandelijk hoofdkwartier niet meteen met de grond gelijk te maken. Vijftig jaar later is het een museum dat doet denken aan het hoofdkwartier in Thunderbirds en een inkijk geeft in hoe het er destijds aan toe ging, inclusief bunkers, antieke afluisteraparatuur, bakeliet-telefoon, rijkelijk gedecoreerde vergaderzalen, presidentiële slaapkamers, eindeloos veel tafels en stoelen, een cinema en een oude legerhelikopter. Een plezante wandeling door de geschiedenis, van de schuilkelders tot op het dak. De prachtige fontein in de voortuin is tijdelijk buiten dienst omdat ze ook hier weer een gigantisch podium aan ‘t bouwen zijn, deze keer voor de viering van 50 jaar onderwijs in Vietnam. Omdat er nergens een standje met “homeschooling” te vinden is, slaan we dat feestje beleefd over.

De vlucht naar Delhi vertrekt om 19u, dus we besluiten op tijd naar de luchthaven te vertrekken, kwestie van daar nog iets te kunnen eten. Dat is buiten de communistische bureaucratie gerekend. Na driekwartier aanschuiven botsen we op de eerste horde waarbij de vrouw van de incheckbalie me vraagt of we ook al een “onward”-ticket hebben voor na India, anders kan ze ons niet laten instappen. Ze beweert ook dat we ons visum geprint moeten meenemen en omdat ik vrij zeker ben dat dat niet nodig is en wat tegengas geef, moet ik terug naar start, via een andere Vietjet-medewerker, terwijl Griet in de rij met een half Indisch leger in haar nek onze plaats mag bewaren. Ik boek met m’n laatste 12 procent batterij in zeven haasten een “ticket” op onewayfly.com en een vage “confirmed” screenshot blijkt gelukkig te volstaan. De verloren tijd maken we daarna niet meer goed, na nog eens een ellenlange rij bij de paspoortcontrole en een chaotische handbage-check. Tegen dat we eindelijk alle levels gepasseerd zijn, zijn we twee en een half uur verder en is ‘t al “last call for boarding”. Met onze laatste Vietnamese Dong kopen we snel nog twee slechte chickenburgers en het duurste pak Pringles ter wereld en weg zijn we, op naar een nieuw land! De vlucht verloopt smooth. Griet krijgt alsnog een plaatsje naast ons in plaats van ergens alleen en dat inspireert de Indiërs. Van zodra het seatbelts lichtje uit is, stelt de helft zich recht om met de stewards te gaan onderhandelen om ook ergens anders te mogen gaan zitten. De piloot is een vriendelijke man die veel communiceert, zo heb ik ze graag. Tot hij vlak voor de landing laat weten dat het in Delhi zodanig “hazy” is dat hij op automatische piloot zal moeten landen en dat het echt, echt waar, dear passengers, noodzakelijk is om de gsm’s uit te laten. Too much information, dude, gewoon uw toestal aan de grond zetten, danku.

‘t Is hier 23u lokale tijd, anderhalf uur vroeger dan in Vietnam, dus voor ons voelt het als half 1 ‘s nachts. Gelukkig gaan alle controles hier verbazend vlot. We hadden op voorhand wel wat gelezen over scams en norse Indiërs, dus we zijn op onze hoede, maar bij de douanebeambte kan er zowaar een glimlach af. “Marc, that’s really your second name?” Euh yes. “Haha. Guns. Powpowpow. Welcome to India.” Tof. Na wat wikken en wegen hebben we besloten om Delhi niet als eerste stad te bezoeken in India, wegens te druk, te chaotisch en te ongezond. De piloot heeft niet gelogen: ‘t ziet er hier inderdaad behoorlijk mistig uit als we uitstappen en hoewel we niet zeker zijn of het smog of fog is, ruikt het toch niet al te fris. We hebben een hotelletje geboekt voor 1 nacht en als je de onveilige buitenwijken van Delhi wil vermijden, doe je dat naar ‘t schijnt het best in Aerocity, een soort luchthavendorp met allemaal peperdure hotels, waarvan de Ibis de minst dure maar nog altijd way overpriced keuze is. ‘t Is ondertussen 1 u ‘s nachts en hoewel we over 4 uur al weer op moeten om een trein te nemen richting Jaipur, heeft iedereen veel honger en bestellen we tegen beter weten in nog een nachtelijke room service. Drie kwartier later ligt iedereen al bijna te slapen als we drie zilveren serveerschalen voor onze neus krijgen. Dat is nogal veel eer voor 2 hamburgers en een macaroni, maar het smaakt. Om niet meteen met Delhi belly te beginnen, laten we de blaadjes sla en tomaatjes voor wat we zijn en doen we nog een uur of 3 onze ogen dicht.

Als de Uber ons de volgende morgen afzet bij Delhi Cantonment, het station aan de rand van de stad, maken we voor de eerste keer kennis met de Indische chaos. Vanuit het niets belanden we ergens onder een brug in een totaal verkeersinfarct vol toeterende tuktuk’s, auto’s en mega veel mensen. “Ik vrees dat dit het station is, jongens.” ‘t Ziet er - zeker in het schemerdonker - behoorlijk louche uit, maar er zit weinig anders op dan ons met al onze bagage een weg door de massa te banen, op zoek naar de ingang. Het station wordt volledig gerenoveerd, dus ‘t is via een omweg te doen, maar uiteindelijk belanden we ergens op een perron. Een ervaren toerist vertelt ons wat later dat ze op de luchthaven beter een bordje zouden zetten met “Welcome to India, construction in progress, nearly finished.” Wonderwel blijken we meteen op ‘t juiste spoor te zitten en we zijn ook ruim op tijd voor een gezond ontbijt bestaande uit droge koekjes, nootjes en water. Ik vind ‘t een beetje spannend, want ik heb na lang proberen zelf de treintickets kunnen fixen op de officiële Indische spoorwegsite, maar weet ik veel of dat écht gelukt is en waar we precies heen gaan. Maar kijk, na enkele treinen waar mensen half uit de wagons hangen of op het dak zitten, waarbij we denken “my god, moeten we straks dáárin kruipen”, arriveert stipt op tijd de 12015 Shatabdi Express, een normale trein, met bestemming Jaipur. Een vriendelijke Indiër staat meteen z’n plaats af zodat we vier comfortabele stoeltjes tegenover mekaar hebben en weg zijn we. Onderweg passeert een treinbediende met koffie, thee en zowaar, een boterhammeke met confituur. Buiten probeert de zon zich een weg door de smog te breken. Welcome to India!

Previous
Previous

Jaipur

Next
Next

Hoi An